Wat te denken van dit proces, van de procedurele gang van
zaken en van de inhoud van het vonnis? En ook van de geloofwaardigheid van
de stellingen van Johann Aubel. Is het inderdaad hoogst onwaarschijnlijk dat
hij de vader van Arnoldus is? Dan zou zijn betekenis voor de familie alleen
maar zijn, dat de familienaam van hem is afgeleid.
Het eerste wat opvalt is dat Johann het proces niet zelf
heeft gevoerd maar dat hij zich daarbij heeft laten vertegenwoordigen door
zijn legeroversten. Dat is op zichzelf niet zo vreemd: procederen kun je
niet zo maar, er zitten vaak veel haken en ogen aan. Maar heel merkwaardig
is wel dat nou net de twee die het fijne van de zaak kunnen weten niet door
de rechter zijn gehoord: Johann procedeert niet persoonlijk, en Johanna
hoort officieel pas iets als het proces is afgelopen: de rechter beveelt dat
het vonnis aan haar moet worden bekend gemaakt.
Het zou kunnen zijn dat deze gang van zaken samenhangt
met het bijzondere karakter van dit proces. Het ging uitsluitend hierom dat
Johann aan de rechter verzocht de pastoor te bevelen zijn naam in het
doopboek door te halen. Een procedure dus tussen Johann en pastoor. De vraag
naar zijn werkelijke vaderschap was formeel niet aan de orde.
En, het moet
gezegd, wat de pastoor had gedaan was wel heel ongewoon. Een ongetrouwde
vrouw komt haar kind laten dopen en zegt: noteer die en die maar als de
vader. |
|